Column

Een ‘wij’ formuleren met Erdogan-Turken is wel het laatste wat je moet doen

19-04-2017 21:22

Ergens in 2001 stond PvdA-intellectueel Paul Scheffer in de pauze van een partijbijeenkomst tegen toenmalig premier Wim Kok aan te praten. Door de grote bos witte haren van Scheffer leek het alsof een witte poedel tegen zijn baas aan stond te keffen. De lange Wim Kok keek verveeld naar beneden, poeierde Scheffer af, en liep met zijn handen achter zijn rug door openstaande terrasdeuren naar buiten.

Aldaar zat ik zelf toevallig, als onbeduidende congresafgevaardigde, op een stoeprand naast een jonge PvdA-activiste, met wie ik samen het tafereel had aanschouwd. Wim Kok struinde onze kant op en trok plotseling een denkbeeldige microfoon achter zijn rug vandaan. ‘Én, meneer, mevrouw, wat vindt u van …?’ Hij boog zich naar ons toe en stelde als een opdringerige journalist enkele vragen over een actueel onderwerp. Mijn buurvrouw en ik werden er verlegen van, stamelden iets van ‘dat vinden we heel belangrijk!’ en begonnen zenuwachtig te lachen. Onze vader des vaderlands lachte innemend terug en wandelde weer verder, om buiten de poort, op straat, even rustig in z’n eentje van het zonnetje te genieten. Een ouder echtpaar kwam voorbij, werd door Kok beleefd gegroet, en keek verbaasd om. Is dat Wim Kok, zomaar hier op straat? Het was een memorabele middag.

Maatschappelijke vrede in Nederland ernstig bedreigd

Het kwam mij toen voor en ik meen nog steeds, totdat iemand het beter weet, dat men in de PvdA nooit veel van Paul Scheffer moest hebben. Scheffer had in 2000 ophef veroorzaakt met zijn artikel over ‘het multiculturele drama’, waarin hij betoogde dat de maatschappelijke vrede in Nederland ernstig werd bedreigd, maar Wim Kok in ieder geval had duidelijk meer zin in een zonnetje.

Recentelijk heeft Scheffer, zoals eens in de zoveel tijd, opnieuw van zich laten horen met een lang artikel over de multiculturele samenleving. Dit keer krijgen Rutte en Buma ervan langs, ontbreekt het ons aan ideeën en een ‘heldere keuze’ inzake Nederland als immigratieland, en gaan we verkeerd om met die Erdogan-Turken in Rotterdam. Paul is in zijn schrijven heel bescheiden: met groeiend ongemak heeft hij het debat bekeken, hij weet wel wat hij tegen die Erdogan-Turken had gezegd, in de vele zalen die hij bezoekt spreekt hij ook altijd wijze woorden, en over dit alles heeft hij toch ‘vaak genoeg geschreven’.

Domineesmoraal zit in de weg

De vraag kan godbetert gesteld worden of Scheffer niet eens iets anders zou moeten schrijven, bijvoorbeeld een bedankbriefje aan het adres van Rutte, die de (in de ogen van Scheffer) nog veel foutere Wilders immers van een klinkende zege heeft afgehouden. Maar het lijkt er zo langzamerhand op dat een of andere domineesmoraal Scheffer in de weg zit. In een terugblik op zijn roemruchte artikel (alhier) zegt hij bijvoorbeeld dat hij om morele redenen de grenzen open wil houden voor vluchtelingen. Terwijl een andere moraal ook denkbaar is: opvang in de regio (van inmiddels 60 miljoen vluchtelingen wereldwijd), meer nadruk op behoud van alhier ontwikkelde beschaving en cultuur, en aanvaarding van de politieke realiteit: een duidelijke verrechtsing en een grote weerzin tegen de immigratie van nog meer moslims, met bijbehorende culturele invloeden.

Omarming van democratische normen

Scheffer noemt het laatste, die weerzin, nu in zijn artikel een ‘afkeer van democratische normen’. Hoe hij daar bij komt, Joost mag het weten, want met meer recht kan het een omarming van democratische normen genoemd worden, om verschillende redenen, die iedereen kan bedenken. Met Joost wordt trouwens niet Joost Niemöller bedoeld, alhoewel die er vast iets over te zeggen heeft.

Maar wat is Scheffers eigen ‘heldere keuze’ eigenlijk, over aantallen vluchtelingen die we jaarlijks kunnen opnemen? We moeten ernaar gissen. Wel schrijft hij dat het nonchalant paspoorten uitdelen reeds lang voorbij is. En ook daar kun je gezien de opvang van 90.000 asielzoekers in 2015 en 2016 en de bijbehorende nastroom anders over denken. Weer een stad Utrecht erbij, zou Fortuyn zeggen en lijkt nu ook het IND voor te rekenen (zie alhier).

Een ‘wij’ formuleren met Erdogan-Turken is wel het laatste wat je moet doen

Dan die Erdogan-Turken. We moeten toch duidelijk maken dat die bij ons horen, zegt Scheffer, en niet dat ze op mogen pleuren? Verbinden moeten we! Persoonlijk vond ik de ingezette M.E. en herdershonden tijdens de laatste rellen een beter idee, en ook heldere taal die wordt verstaan. Zonder een ‘wij’ werkt het niet, daar heeft Scheffer misschien een punt (alhoewel je niet moet overdrijven), maar een nieuw ‘wij’ formuleren tezamen met Erdogan-Turken, dat is wel het laatste wat je moet doen. Er zijn grenzen. Een ‘wij’ propageren, waar Amerikaanse politici altijd zo goed in zijn, probeer dat anders.

Dus beste Paul Scheffer, stel dat je behalve poedel ook herdershond was, had je dan nog meer in je repertoire? Om je verder te helpen: luister eens naar deze migratiewetenschapper. Of luister eens naar de Hindostanen (hindoe en moslim), waarvan een groot deel, ook de moslims, op Wilders stemt (alhier vanaf minuut 17). Of naar deze gekleurde jongeman in z’n auto. Ze hebben allen verfrissend heldere ideeën en je kunt een stuk meer van ze opsteken dan van de door jou bewonderde Nadia Ezzeroili en Sylvana Simons.