Opinie

Het #MeToo-debat en het groepsdenken

31-10-2017 18:01

Waar maandenlang ‘genderneutraliteit’ bovenaan de politieke agenda stond, werd sekse de afgelopen weken plots weer een hot topic. Het aantal vrouwen versus het aantal mannen in de nieuwe regeringsploeg domineerde in eerste aanleg de politieke verslaggeving rond de formatie. En mannen werden en worden, column na column, opgeroepen zich ‘uit te spreken’ tegen evident fout gedrag. “Seksueel misbruik is geen vrouwenprobleem, het is een mannenprobleem.”
Het is maar dat we het weten.

Om met de plichtplegingen te beginnen daarom: uiteraard dient men zijn handen thuis te houden. (Als halve allochtoon voeg ik veiligheidshalve toe dat aanslagen afkeurenswaardig zijn en verexcuseer ik mij onmiddellijk voor het gebruiken van het woord ‘allochtoon’. Als ‘links liberaal’ verklaar ik oprecht dat ik links en rechts terrorisme even erg vind. En als schrijver en muzikant dat ik (vermoedelijke) boekhoudfraude door de CFO van Buma/Stemra afkeur, en de relativering daarvan door onder meer de Volkskrant zorgwekkend vind.)

Jij-bak

Het ‘oh ja, en jij dan’-argument, het ter verantwoording roepen van de ‘andere stam’, het eisen van verklaringen, het is langzaamaan de nieuwe Godwin van debat geworden, in Nederland, maar ook elders (in Amerika lijkt niet anders te gebeuren tussen Trump-aanhangers en de Democraten; “Maar weet je wel wat Hillary heeft gedaan?”… “Ja, maar de Trump-campagne deed hetzelfde”…) Elk debat lijkt zo nog louter in groepsdenken te kunnen verzanden, in debattrucs, in jij-bakken richting de ‘tegenstander’ en het bevestigen van de eigen mening, het eigen gelijk, in de eigen afgegrensde ‘bubbel’.

Een tweede automatisme versterkt dat fenomeen: het stapelen van onderwerpen, door zowel voor- als door tegenstanders, waardoor het zicht op de werkelijke discussie verloren gaat. In de #MeToo-discussie: het volstrekt door elkaar halen van alles wat een overtreding van seksuele grenzen zou kunnen zijn. Van de poging tot een zoen tot billenknijpen tot groepsverkrachting. Alles valt onder #MeToo of kan afgeschoten worden als daartoe niet behorend. Al naar gelang het uitkomt. Al naar gelang de spreker.

Bevuilen van discussie

De wezenlijke waarde van #MeToo lijkt en dreigt zo door veel van de beijveraars van de discussie, in overijver, onderuit te worden gehaald.

Het is een goede zaak werkelijk ernstig seksueel misbruik bespreekbaar te maken en de drempels voor het doen van aangifte of van een melding te verlagen. Er zijn weinig argumenten om dat tegen te spreken.

Daaraan draagt het bevuilen van de discussie met verschil-feministische argumenten niet bij. Of de Pavlov-reactie ieder plat te slaan die commentaar heeft op slachtoffers die pas als anderen dat gedaan hebben naar voren durven treden. Ook de inmiddels veelbesproken #MeToo van Jelle Brandt Corstius werkt daarom contra-productief. De boodschap dat men zelfs als bekend schrijver en columnist niet naar buiten treden moet en kan uit angst voor een smaadclaim (volgens veel juristen een onjuiste bewering) draagt evident niet bij aan de lagere drempel waarvoor de actie juist is ingezet. Het niet tolereren van kritiek daarop daarom ook niet.

Verantwoordelijkheid

Dat men begrip heeft of zelfs eist voor de angst van slachtoffers om naar buiten te treden is volstrekt legitiem. Dat men een plek wil verdedigen en creëren voor wie dat durft te verwoorden ook. Dat het evengoed beter is als slachtoffers die angst overwinnen omdat wij klaarstaan hen serieus te nemen en omdat de politie ook met een melding geholpen kan zijn, dat ook slachtoffers een verantwoordelijkheid hebben om andere slachtoffers te helpen voorkomen, of bestaande slachtoffers te helpen hun verhaal te durven doen, mag en moet ook onderdeel van het debat kunnen zijn en blijven. Dat niet alleen daders, maar zelfs slachtoffers verantwoordelijkheid hebben moet gezegd mogen worden. Ook als men een penis bezit en nooit slachtoffer van ernstige seksuele intimidatie of misbruik is geweest. Zonder daarmee ‘fout’ te zijn.

Dat een debat niet louter zenden, of het neersabelen van de ander is, lijkt meer en meer uit het oog verloren te worden, ook binnen de #MeToo beweging. Het komt het zelfgekozen debat en het achterliggende streven niet ten goede. En dat is te betreuren.