Opinie

‘Het tijdperk van de deugers komt ten einde’

25-09-2017 17:50

Er zijn momenten waarop je ‘s nachts wakker schrikt met een beklemmend gevoel; een druk op de borst. Dat is dan de druk van het algehele tijdsgewricht: de grote verschuiving die daar in plaatsvindt en de verantwoordelijkheid die dat met zich meebrengt.

De doorbraak van de AfD is een enorme klap in het gezicht van de deug-hegemonie. En ook het feit dat zo’n 10 procent van de Duitsers FDP stemde, is bemoedigend. Individueel denken en oordelen is niet iets waarin Duitsers uitblinken: het feit dat zo’n kwart in het stemhokje niet bezweek onder de deug-hegemonie is daarom een belangrijk signaal. Nu is de vraag wat het verhaal gaat worden: serieuze oppositie tegen Merkel met inhoudelijke aandacht voor alle gecreëerde misstanden, of weer verder met de symptoombestrijding en dus met zijn allen tégen de AfD? De sfeer die uit de verkiezingsuitslag opstijgt riekt toch naar het laatste. Het leidt tot de vraag: is het voor Europa niet eigenlijk al te laat?

De tijdsgeest keert

Het tijdperk van de deugers gaat onvermijdelijk ten einde komen. Dat heeft een aantal objectief-aanwijsbare oorzaken. Niet de ‘kapitalisten’ (CEO’s), noch de ‘hippies’ (SJW’s) geven uiteindelijk de doorslag: de doorslaggevende factor ligt ironisch genoeg bij de arbeidersklasse en bij wat resteert van het MKB, die niet meer warm te krijgen zijn voor de maakbare samenleving, hoezeer politici dit kantelmoment ook proberen te rekken door steeds harder ‘tsjakka!’ te roepen.

De deug-hegemonie wordt steeds wanhopiger in de pogingen om de macht vast te houden. Onlangs was er bijvoorbeeld een demonstratie door het leger tegen het gebrek aan investeringen en zich beklagend over het verval van het materiaal. Toen ik daarover informatie probeerde te googelen kwam er weinig tot niks naar boven – idem dito toen ik hetzelfde probeerde voor een rapportage op TPO over de gestage overname van de journalistiek door de New Left, die ik een half jaar geleden toch steeds vrij makkelijk kon vinden. We begeven ons dan op het glibberige vlak van zoeksuggesties en algoritmes die de beeldvorming beïnvloeden.

Aan de keukentafel klinkt een ander geluid

Dat het tijdperk van het grote deugen ten einde gaat komen, dat zien we overal aan terug. Hoe meer de elite het deugen probeert op te leggen via instituties, hoe meer mensen zich daar thuis met hun gezin aan de keukentafel misselijk over maken. Iedereen kent wel de scene uit de film ‘American History X’, waarin de vader, een integere brandweerman, zich tijdens het eten beklaagde over hoe affirmative action hem dwong om te werken met incompetente collega’s.

Mijn eigen omslagpunt kwam in 2012, toen ik trainee was op het Europese Parlement. Ik zag de verpaupering van Brussel om mij heen, met verschillende groepen – Vlamingen, Franstaligen, Arabieren en Eurocraten – die nul komma nul verbinding met elkaar hadden. Zich ieder terugtrokken in een eigen wereldje. Nu had ik daar op zich maling aan, met meer dan genoeg zelfvertrouwen om ook ‘s nachts over straat te gaan in de ongure wijken. Vroeg je in die wijken echter iemand de weg dan kreeg je dikwijls geen antwoord behalve in een niet-Europese taal. Ondertussen was de burgemeester bezig met het vervangen van de kerstboom door een postmoderne panorama installatie. Want verbindend ofzo. Dat terroristen later de metro van Maelbeek opbliezen – op twee minuten loopafstand van het huis van mijn vriendin – was iets dat me totaal niet verbaasde. Die sfeer van vervreemding, wederzijdse uitsluiting en onverschilligheid over de publieke ruimte en hing daar al jaren in de lucht.

Eerst ontkennen, dan stilletjes toegeven

Overigens waren die ervaringen niet puur negatief. Ik maakte het mee dat in de winkels juist allochtonen mij netjes in het Nederlands aanspraken, omdat ze doorhadden dat ik Nederlandstalig was, iets waarbij je bij hardcore Franstalige Belgen niet om hoeft te komen. Maar juist omdat ik wat zorgvuldiger met mijn geld omging en winkelde bij de Aldi en niet in de dure eurocratenwijken, kreeg je het échte Brussel te zien, en dus bij analogie de échte toekomst van Europa.

Ik stipte dat zo nu en dan aan op het Europarlement. In de meeste één of één gesprekken zag je wel de twijfel bij de meesten, zelfs bij zeer hooggeplaatste euroambtenaren. Maar als er dan weer groepssituaties waren was het weer één en al ‘tsjakka!’ Zeker ook omdat de Europese Unie toen de Nobelprijs voor de vrede won. Er staan te veel belangen op het spel om de realiteit onder ogen te zien – daarom wordt het benoemen van de realiteit afgedaan als ‘warhoofderij’. Dit is een fenomeen dat George Orwell in 1984 benoemt als “collectief solipsisme”.

Zodoende was de recente Buitenhof uitzending weer één groot déjà vu. Met types als de deugsoldaat Frank van der Vorm die in zijn arrogantie even meent te kunnen spreken voor de hele VVD, terwijl steunbetuigingen werkelijk uit alle hoeken en gaten kwamen, tot en met VVD’ers die mij bemoedigend aanspraken in de trein. Een storm van morele verontwaardiging trok over het land maar feitelijk gaven het artikel in de NRC van socioloog dr. Eric C. Hendriks en de HJ Schoo-lezing van CDA-leider Buma mij de volgende dag al gelijk.

Kinderen zélf maken

Dus het tijdperk van de deugers komt ten einde. Het begint altijd weer met publiekelijk: “Nee, deze analyse is te grimmig en mag kan niet waar zijn”, gevolgd door het gefluister in de wandelgangen dat het eigenlijk toch wel klopt. Op vakantie in München in 2015 werd het allemaal nogmaals bevestigd: met die toestand in het achterhoofd is een campagneslogan als “Onze kinderen maken wij zelf” zeer begrijpelijk.

Feitelijk gaat het bij zo’n slogan om drie dingen: namelijk het borgen van het traditionele gezin, het doorgeven van het land aan een toekomstige generatie en het waarborgen van het Westerse cultuurkarakter van dat land. Je zou zo’n campagne toch eigenlijk verwachten van het (Duitse) CDA. Nog tijdens het hoogtepunt van ’68 was dit gewoon het verhaal van mainstream christendemocraten, vandaag is het kennelijk ‘radicaal-rechts’. Dit toont wel hoe de hele cultuur van West-Europa de afgelopen decennia naar links is afgegleden.

Out of gas

Maar enfin, de deug-hegemonie gaat dus langzaam keren. Links heeft sinds ’68 steeds de grote projecten gehad, maar nu zijn de ideeën op. Zoals de confessionele elite in ’68 was opgedroogd, zo is de progressieve hegemonie vandaag niet meer in tune met de tijdsgeest. Ze voelen dat ook aan en slaan om zich heen; ze verzinnen steeds weer gekkere dingen om het maar niet over de inhoud te hoeven hebben. Denk aan ‘cultural appropriation’ en ‘heteronormativiteit’ – kortom alles waar die brandweerman aan de keukentafel niet op zit te wachten.

Zo jagen ze iedereen met nog een restje realiteitszin van zich weg. Maar ze blijven wel zitten op de bepalende posities en op dat vlak zal de verschuiving helaas niet gaan zonder slag of stoot. Willem III de stadhouder-koning had daar nog de wetsverzettingen voor, toen het tijdperk van de Witten eindigde en het tijdperk van Oranje kwam; dit middel ontbreekt vandaag helaas.

Links raakt out of gas

Liberale en kapitalistische pro-globaliseringspartijen nemen de culturele thema’s van de progressieve agenda over (denk aan multinationals die aan greenwashing doen, aan vrouwenquota en genderneutrale toiletten). Tegelijk nemen cultureel-conservatieve en economisch nationalistische partijen de agenda van de collectieve voorzieningen van links over (neem nu PVV of het Front National). In deze situatie kan links steeds moeilijker de toon bepalen en wordt het meer gedwongen tot een reagerende rol.

Ook de aanvallen van Denk zijn tekenend: zij richten zich fel tegen Marcouch en tegen Aboutaleb, kortom tegen de allochtonen die met de linkse partijen meewerken. Links zal daar al de handen vol aan hebben; laat staan dat ze nog inhoudelijk kunnen reageren op een Thierry Baudet, en diens aanzuigende charisma op jongeren. Er is een wezenlijke verschuiving gaande, maar het is nog maar de vraag wie er echt van zal profiteren.

Revolutie

Het wordt er namelijk niet gezelliger van op straat en ook niet op school; je zou maar leraar zijn in een klas waarvan de ene helft uit PVV/AfD-gezinnen komt en de andere helft uit Denk-gezinnen. Dat zal steeds meer de realiteit zijn in de komende twintig jaar. Betaald werk leveren deze nieuwe inzichten ook niet op. Het bedrijfsleven wil winst maken via gemoedelijke imago’s en gaat deze wezenlijke maar controversiële thema’s uit de weg: kapitalisten durven hun handen er niet aan te branden. In de publieke sector zit men niet op kritische tegengeluiden te wachten; men reageert op het maatschappelijke onbehagen door qua personeelsbeleid de eigen nestgeur te versterken. Zo wordt een generatie gekweekt die niet anders kan dan vroeg of laat een revolutie te starten.