Longread

De identiteitspolitiek van Vladimir Poetin: verkapte machtsmonopolisering

12-08-2016 14:30

“Was er niet meer dan enkel Stalins werkkampen en onderdrukking? En hoe zit het dan met de successen van de Sovjetwetenschap, of de spectaculaire ruimtevlucht van Yuri Gagarin, of wat te denken van de kunst en muziek van culturele helden zoals componist Dmitri Shostakovich?” Dit was een onderdeel van een televisietoespraak die Vladimir Poetin hield op 4 december 2000. De kersverse Russische president besloot dezelfde speech met de woorden: “Het is tijd om weer trots te zijn”.

Hiermee beschreef Poetin zijn doel in een notendop: Moedertje Rusland er weer bovenop helpen, de supermachtstatus herstellen en een natie smeden die weer trots is op het vaderland. Tegelijkertijd werd Poetins identiteitspolitiek echter een tactiek om een rookgordijn op te trekken; het baande de weg vrij naar de top van de politieke Olympus van het land, waarvandaan hij vrijwel alle macht naar zich toe kon trekken. Met als recent hoogtepunt de creatie van een presidentieel privéleger en een wet die de Russische privacy in de opheffingsuitverkoop deed. Alles gelegitimeerd in het kader van terrorismebestrijding en veiligheid.

Patriottisme

Vanaf het eerste begin vormde het herstel van het patriottisme onder de bevolking één van de pijlers van Poetins identiteitspolitiek. In de loop der jaren heeft Poetin daarom herhaaldelijk ingespeeld op het grootse verleden van Rusland en de Sovjet-Unie, iets wat veelal gepaard ging met een ongekende hoeveelheid symboliek.

Voorbeelden zijn er te over. Zo liet hij de festiviteiten rondom zijn eigen presidentiële inauguratie verplaatsen van het Staatspaleis naar het Groot Paleis in het Kremlin, de plek waar de tsaren in de negentiende eeuw leefden. Ook liet hij een gedenkplaat van Joeri Andropov op het hoofdkwartier van de FSB (de voormalige KGB) installeren ter nagedachtenis aan de enige baas van de geheime dienst die het tot secretaris-generaal van de Sovjet-Unie wist te schoppen. De openingsceremonie van de Olympische Spelen in Sotsji zat overigens ook bomvol met dergelijke symbolische propaganda, de ene na de andere Russische held werd er op een voetstuk geplaatst.

Stalin

Sinds het aantreden van Poetin is de sovjetmythe rondom Stalin weer nieuw leven ingeblazen in het kader van de hernieuwde aandacht voor militair patriottische vorming op Russische scholen. Stalin wordt in het enige door het Kremlin goedgekeurde schoolboek geportretteerd als de leider die de nazi’s versloeg in plaats van de man die miljoenen Russen over de kling joeg tijdens de Grote Terreur in de jaren dertig.

De benaming nazi’s wordt door Poetin overigens maar al te graag gebezigd als het politieke tegenstanders betreft. Of het nou opstandelingen uit West-Oekraïne, de Krim of elders zijn, voor Moskou zijn het allemaal fascisten en nazi’s. Destijds bestreden door Stalin, nu door Poetin. De historische analogie is weinig subtiel. Eveneens onderdeel van de militair patriottische vorming was de herinvoering van het vak militaire training op scholen waarbij kinderen leren een Kalasjnikov te demonteren en weer in elkaar te zetten.

Poetin-cultus

Deze symboliek is net zo’n wezenlijk onderdeel van Poetins herdefiniëring van de nationale identiteit als de zelfverheerlijking rondom zijn eigen persoon. Goed voorbeeld hiervan is de cultus die er rondom Poetin werd gecreëerd in de aanloop naar de presidentsverkiezingen van 2000 waarbij er uiteindelijk niet alleen Poetin-scholen en Poetin-wegen uit de grond werden gestampt, maar er ook Poetin T-shirts, paaseieren en zelfs tandenstokers verschenen.

‘Voor het Westen is het een ongemakkelijke waarheid, maar veel Russen zijn helemaal niet op zoek naar een democratisch model voor hun samenleving’

De actiefoto’s van de Russische president met ontbloot bovenlijf op een paard of judoënd met de zwarte band om zijn middel zijn weldoordachte pogingen van het Kremlin om diens leider als letterlijk krachtig te presenteren. Met een dronkenlap als Boris Jeltsin als voorganger was het zaak om de Russen te laten zien dat hun nieuwe leider een fitte en sterke man was. Dat de door het Kremlin uitgegeven foto’s voor een buitenstaander iets komisch hebben wordt dan op de koop toegenomen. De zorgvuldig geregisseerde imago-opbouw van Poetin diende om de Russen gerust te stellen: er is weer een sterke leider, net als in het verleden.

Identiteitscrisis

De persoonsverheerlijking en symboliek zijn uitgegroeid tot twee van de steunpilaren van Poetins identiteitspolitiek die tot op de dag van vandaag als een paal boven water staat. Nadat rond de millenniumwisseling het zelfvertrouwen van de Russen murw was geslagen, was het Kremlin op zoek naar een manier om de verloren trots onder de bevolking terug te vinden. Het land had een nieuwe identiteit nodig.

Met de val van de Sovjet-Unie waarbij het eens zo grote Sovjet-imperium bijna een derde van zijn territoriale landmassa verloor door een ongekende stroom aan onafhankelijkheidsverklaringen van de verschillende deelrepublieken was er van de Russische beer weinig meer over dan een welp zonder klauwen. Tel daarbij de ongeëvenaarde sociaaleconomische crisis die halverwege jaren negentig werd ingezet onder Boris Jeltsin en het verlies van de Eerste Tsjetsjeense Oorlog in 1996 op en het recept voor een diepe identiteitscrisis is compleet.

Herstel van het Russische zelfbeeld

De bevolking hunkerde naar beter tijden en zelfs naar vroeger tijden. Het gros van de mensen was op het moment dat Poetin aantrad afgegleden in armoede terwijl de elite van het land schatrijk was geworden dankzij een systeem van cowboykapitalisme onder Jeltsin. Het leger had een diep vernederende nederlaag geleden tegen een stel bandieten uit de Kaukasus en het sentiment om terug te keren naar het Sovjettijdperk werd breed gedragen.

‘Uiteindelijk heeft de identiteitspolitiek ook zeker een rookgordijn opgetrokken om de machtscentralisatie en autocratisering te maskeren’

Aan Poetin de taak om het Russische zelfbeeld te herstellen. Naast de reeds genoemde symboliek en persoonlijke ophemeling probeerde het Kremlin ook middels retorische krachttaal weer grip te krijgen op het land. En met succes. Exemplarisch is de speech die Poetin in september 1999, toen nog in de hoedanigheid van premier, hield naar aanleiding van de bombardementen op wooncomplexen in verschillende Russische steden waarbij 293 mensen het leven lieten. Zonder enig verder onderzoek werd met de beschuldigende vinger naar Tsjetsjeense separatisten gewezen. In zijn toespraak beloofde Poetin dat “we de terroristen zullen opjagen. Waar we ze ook zullen vinden, we zullen ze vernietigen. Ook al treffen we ze op de wc aan. We zullen ze uit de plee wegvagen”.

Aanslagen als rechtvaardiging voor oorlog

Kraakheldere taal. De aanslagen zouden uiteindelijk als rechtvaardiging gelden voor het beginnen van de ‘antiterreur-operatie’ in Tsjetsjenië, beter bekend als de Tweede Tsjetsjeense Oorlog. Rusland wilde revanche en de aanslagen gaven de regering precies het mandaat dat het nodig had voor een nieuwe oorlog. De zondebok was gecreëerd en de jacht op eer- en machtsherstel geopend.

De toon die Poetin in de loop der jaren heeft gebruikt jegens de separatisten uit de Kaukasus liet ook meestal weinig aan de verbeelding over. Consequent werd er gesproken over terroristen in plaats van onafhankelijkheidsstrijders en geen kans werd onbenut gelaten om de ‘terroristen’ te linken aan de jihad en wahabistische islam. Zeker na de aanslagen van 11 september kregen de Russen carte blanche van de internationale gemeenschap en ontstond het idee dat Moskou zijn eigen front in de War on Terror had in de Kaukasus.

Gunstig neveneffect

De volkeren uit de zuidelijke hooglanden werden steevast gemarginaliseerd, gediscrimineerd en gebruikt als tegenpool om de eigen Russische identiteit tegen af te zetten. De Kaukasiërs werden de zondebok die Poetin nodig had om het Russische zelfbeeld op te poetsen. Het doel van de identiteitspolitiek werd daarbij nooit uit het oog verloren. Sterker nog, al het verbale en fysieke machtsvertoon, de gebezigde symboliek met betrekking tot het verleden en Poetins verafgoding lijken effect te hebben gehad. Het patriottisme onder de Russen nam een vlucht en de trots keerde weder. Bovendien begon Rusland zich op het internationale toneel weer als een grote jongen te gedragen. Of het nou met betrekking tot de Kaukasus, Eurazië, het Midden-Oosten of het Westen was, Moskou liet zich weer gelden als grootmacht.

‘Het feit dat  journalisten zoals Anna Politkovskaja en Aleksandr Litvinenko in koelen bloede zijn vermoord stelt het Kremlin in een kwaad daglicht’

Dat de identiteitspolitiek van het Kremlin een gunstig neveneffect had voor de machthebbers lijkt evident. Meeliftend op een golf van xenofobie en ‘kaukasofobie’ onder de Russische bevolking werd in de naam van de Russische patria en diens grootsheid de ene na de andere maatregel geïntroduceerd onder het mom van terrorismebestrijding en vaderlandse veiligheid die feitelijk niets meer deed dan het centraliseren van de macht in Moskou. Zo moeten NGO’s die donaties ontvangen uit het buitenland zichzelf volgens een wet die in 2012 werd aangenomen als foreign agent laten registreren. Een woord dat onlosmakelijk is verbonden met de Koude Oorlog en bij de gemiddelde Rus het beeld van Amerikaanse spionageactiviteiten opbrengt. Exit civil society.

Rol van FSB bij aanslagen

In de nasleep van de gijzelingen in het Nord-Ost theater in Moskou in 2002 (129 doden) en de school in Beslan in 2004 (331 doden), uitgevoerd door Tsjetsjenen en andere Kaukasische rebellen, werden eveneens maatregelen aangekondigd die de machtspositie van Moskou, en van Poetin in het bijzonder, zouden versterken. Na het drama in het theater werden er in Tsjetsjenië parlementaire- en presidentsverkiezingen opgelegd die leiders loyaal aan Moskou in het zadel hielpen. Na de gijzeling in Beslan werd een wet door het parlement geloodst die voorschreef dat de leiders van de 89 verschillende Russische deelrepublieken in het vervolg via een presidentiële benoeming werden aangewezen en niet middels verkiezingen gekozen. Dat het Kremlin via deze maatregelen een ijzeren greep op het land kreeg ligt er duimdik bovenop. De macht was weer terug op het Rode Plein.

Overigens moet de rol die het Russische staatsapparaat, en met name de FSB, bij deze aanslagen heeft gespeeld niet geheel worden uitgevlakt. Zo zouden bij enkele appartementencomplexen in september 1999 FSB-agenten zijn gesignaleerd die zakken met explosieven de kelder in tilden en was de enige gijzelnemer die Nord-Ost overleefde, door vlak voor de bestorming van het gebouw via de achteruitgang het theater te verlaten, aan de FSB gelieerd. Er is weliswaar nooit sluitend bewijs voor geleverd, maar het feit dat onafhankelijke journalisten zoals Anna Politkovskaja en Aleksandr Litvinenko in koelen bloede zijn vermoord stelt het Kremlin in een kwaad daglicht.

Machtscentralisatie en autocratisering

En dat is nog voorzichtig uitgedrukt. Aangezien beide journalisten onderzochten wat er precies rondom de tragedies had plaatsgevonden lijkt er weinig aan het toeval overgelaten. Politkovskaja werd zelfs op de verjaardag van Poetin vermoord waardoor ze al snel tot verjaardagscadeau van de president werd omgedoopt en uitgroeide tot het symbool van de verminderde persvrijheid in Rusland onder diens bewind. Dat Poetin voor zijn aanstelling als premier in 1999 ruim een jaar het hoofd van de FSB was roept al helemaal argwaan op. De vraag of de Russische president zijn eigen machtspositie versterkt door aanslagen deels of geheel te ensceneren dient zich aan (al zijn dergelijke situaties onderhevig aan speculatie en complottheorieën).

Hoe dan ook hebben de antiterreurmaatregelen een autocratisch systeem in werking gesteld dat er tot op de dag van vandaag nog steeds is en voorlopig nog geen tekenen van verval vertoont. Het lijkt er dan ook op dat, ondanks dat Moskou wellicht werkelijk de bedoeling had Rusland weer trots en machtig te laten worden, dit niet het enige doel was van de herdefiniëring van de nationale identiteit. Uiteindelijk heeft de identiteitspolitiek ook zeker een rookgordijn opgetrokken om de machtscentralisatie en autocratisering te maskeren. Zodoende kon Poetin uitgroeien tot een moderne tsaar die gediend wordt door een heel select gezelschap van lakeien in en rond het Kremlin.

Extremismewetten

En de koek lijkt nog lang niet op. Op 7 juli van dit jaar werd er nog een nieuwe wet met betrekking tot extremisme aangenomen die in wezen de privacy in Rusland afschaft. Meld je voorbereidingen van ‘opstanden of terroristische activiteiten’ (maar ook demonstraties) niet aan de autoriteiten dan riskeer je een gevangenisstraf van een jaar. Best handig zo in de aanloop naar de parlementsverkiezingen van aanstaande september. Na de massale demonstraties in 2012 rondom de verkiezingen had het Kremlin vermoedelijk wel even genoeg van de protesten. Mocht iemand het dit jaar nog een keer in zijn hoofd halen te gaan demonstreren tegen het regime, dan kan diegene in ieder geval achter slot en grendel worden gezet.

Saillant detail is dat deze wetgeving geldt voor personen vanaf 14 jaar en ouder. Als je dus de puberende dochter of zoon van een activist bent en één van je ouders gaat de straat op met een anti-Poetin spandoek dan mag je gezellig met papa of mama een jaartje de nor in en mocht je je op sociale media bezighouden met ‘extremistische gedachten’, dan kan dat tot zeven jaar oplopen.

Terrorismebestrijding

Geen wonder dat Poetin er als de kippen bij was om François Hollande zijn condoleances aan te bieden namens het gehele Russische volk na de aanslagen in Nice. “Beste François, Rusland weet wat terrorisme is en wat voor gevaar het voor ons vormt”, zo vertelde hij in een videoboodschap gericht aan de Franse president. “We kunnen terrorisme alleen verslaan door samen te werken”, besloot hij. Goede timing, net nu de nieuwe antiterrorismewetgeving is getekend compassie tonen met de landen die zelf verblind zijn door paniek om zo je eigen maatregelen in de internationale arena te rechtvaardigen. Het dient een hoger doel: de strijd tegen terrorisme. Daar mag een beetje privacy best voor wijken, het doel heiligt immers de middelen.

Ondertussen kan Poetin vrolijk verder met zijn machtsuitbreiding. Eveneens binnen de context van terrorismebestrijding valt de recente reorganisatie van de structuur voor de binnenlandse veiligheid. Vanaf heden vallen de veiligheidsdiensten en de binnenlandse troepen onder dezelfde militair aandoende organisatie die niet meer onder de bevoegdheid van de minister van binnenlandse zaken valt maar onder, hoe kan het ook anders, Poetin zelf. Missie van deze Nationale Garde is de strijd tegen terreur, drugs en grootschalige misdaad en de leider van de club is Viktor Zolotov, Poetins oude judomaatje uit Sint-Petersburg en tevens de voormalig bodyguard van de Russische president.

Poetins privéleger

Enkele critici hebben het nieuwe instituut al omgedoopt tot Poetins privéleger, dat bestaat uit een kleine 200.000 man en de bevoegdheid heeft om zonder voorafgaande waarschuwing het vuur te openen op burgers, mocht het dat nodig achten. De oprichting van de Nationale Garde past precies binnen Poetins project om het militaire apparaat te moderniseren, een plan waar 700 miljard dollar voor wordt uitgetrokken over een tijdsbestek van tien jaar, tussen 2010 en 2020.

Maar hoe valt dit alles in te passen in Poetins identiteitspolitiek? Het antwoord is niet bijzonder lastig. De maatregelen zijn nog altijd een middel om Rusland weer groot, sterk en machtig te maken en te doen laten overkomen. De ijzeren greep waarmee Poetin het land regeert grijpt terug op de Russische traditie uit het verleden en herdefinieert het als een grootmacht. Of het nou onder de heerschappij van de tsaren was of tijdens het communistische tijdperk van de Sovjet-Unie, de leider van het land was altijd een sterk en krachtig persoon dat een imperium regeerde. De leider was de personificatie van de staat.

Tanden en klauwen van de beer

Dat Poetin te pas en te onpas met de nodige symboliek teruggrijpt op het ‘rijke’ verleden van de Russen is dus ook niet zo verwonderlijk; het dient zijn eigen machtspositie. Bovendien weet hij middels het gebruik van ronduit ordinair taalgebruik dit krachtige leidersimago alleen maar te versterken. ‘Terroristen van de plee wegvagen’ zijn niet de woorden van een domme man die uit pure rancune reageert, het is eerder de precies uitgemeten woordkeuze van een leider die weet welke richting hij op wil.

Dat Rusland weer een wereldmacht aan het worden is en dat de Russen hun trots hebben hervonden is evident. Een korte greep uit de recente gebeurtenissen dient als bewijs: de oorlog in Georgië in 2008, de annexatie van de Krim, de oorlog in Oost-Oekraïne, het conflict in Syrië en niet te vergeten het in vergetelheid geraakte, maar onverminderd doordenderende, conflict in de Noord-Kaukasus. Stuk voor stuk zijn het pogingen van Moskou om Rusland weer te profileren als wereldmacht. De beer laat zijn tanden en klauwen weer zien en het volk juicht het toe.

Verontrustende situatie

Voor het Westen is het een ietwat ongemakkelijke waarheid, maar veel Russen zijn helemaal niet op zoek naar een democratisch model voor hun samenleving. Zij zien liever een krachtige leider die een minstens zo krachtig land bestuurt dat zijn mannetje weet te staan tegen alle vermeende vijanden buiten en binnen de eigen landsgrenzen. Liever dat dan een zwakkeling als Jeltsin of Gorbatsjov die met de vijand aanpapt en het land aan de rand van de afgrond brengt. Vladimir Poetin is zo’n sterke leider en als een dergelijke leider dan af en toe in blote bast op een paard gaat zitten of met een shotgun door de natuur loopt, dan bevestigt dit eerder dat imago dan dat het wordt ontkracht.

Dat dit gezagsvertoon hand in hand gaat met de monopolisering van de macht in handen van één persoon, lijkt veel Russen niet te deren. Niets nieuws onder de zon. Poetin heeft in hun ogen Rusland weer op de kaart gezet en de Russische eer hersteld. Dat hij gedurende het proces een onvervalste despoot geworden is nemen velen op de koop toe.

De vraag hoeveel verder dit nog gaat en hoeveel langer het nog zal duren is desalniettemin een interessante. Om Poetin de nieuwe Stalin te noemen gaat zonder enige twijfel te ver, maar dat de situatie verontrustend is staat buiten kijf.